BLOG #12: De oudermodi
In blog #8 ging ik in op de blauwe plekken uit het verleden. Mocht je die niet gelezen hebben, klik dan hier. In deze blog legde ik uit hoe er tussen gedrag van vroeger en gedrag van nu een duidelijk patroon zichtbaar kan zijn. Vaak zijn het functionele patronen, die jou helpen en laten zien dat je veel geleerd hebt in het leven.
Er kunnen echter ook patronen zijn die NIET functioneel zijn en om een aanpassing vragen. Daarom heb ik je in blog #10 (klik hier) meegenomen in het herkennen van jouw patroon en de kindermodi. Vandaag neem ik je verder mee in de wereld van de modi. De vraag is: welke oudermodi herken jij bij jezelf?
OUDERMODI
Wanneer je in een oudermodus schiet, behandel jij jezelf op een manier zoals je vroeger werd behandeld. Bijvoorbeeld door je vader of door je moeder, maar ook door andere mensen uit je jeugd. Dit kan een kritische meester zijn geweest op de basisschool of dat meisje wat jou altijd pestte. Ook kunnen dit bepaalde dingen zijn die weleens tegen jou gezegd zijn door een oom, tante, broer of zus. Deze mensen hoeven dat overigens niet kwaad bedoeld te hebben. We gaan hen dus ook niet als schuldigen aanwijzen, maar als we willen begrijpen waar de oudermodi vandaan komen, kunnen we niet om het verleden heen.
Ik merk in gesprekken dat de meeste cliënten deze oudermodi vrijwel altijd ‘aan’ hebben staan en dat deze modus vaak spreekt. Er zijn drie soorten oudermodi, namelijk:
- De veeleisende oudermodus; in deze modus leg je de lat heel hoog en jaag jij jezelf op om daaraan te voldoen. Als je iets niet perfect hebt gedaan, heb je een schuldgevoel. In deze modus gaat het met name om prestaties die jij moet leveren. Een voorbeeld: je moet van jezelf altijd goed werk leveren en je zet je daar voor 200% voor in. Een oorzaak hiervan kan zijn dat je ouders geneigd waren hoge eisen aan jou te stellen of aan zichzelf, wat jij dan als voorbeeld voor jezelf hebt genomen.
- De schuld-inducerende oudermodus; in deze modus moet je altijd voldoen aan de verwachtingen van anderen. Je staat niet stil bij jezelf en bent geneigd om over jouw eigen grenzen heen te gaan. Een voorbeeld: de buurvrouw vraagt of je ‘even’ (twee uur) op haar kinderen kunt passen, terwijl jij eigenlijk op het punt stond om boodschappen te gaan doen en daarna uit te rusten van jouw drukke ochtend. Je zegt ‘ja’, terwijl het eigenlijk niet uitkomt bij je. Een oorzaak hiervan kan zijn dat je vroeger veel verantwoordelijkheden kreeg en al vroeg moest zorgen voor anderen, wat je nu nog steeds (te snel) doet.
- De straffende oudermodus; dit is het stemmetje in jouw hoofd wat jou voortdurend kritiek geeft. Zoals: ‘wat ben je toch dom’, ‘zie je, daar gaat die mislukking weer’. Mensen die deze modus herkennen, zijn vroeger mogelijk gepest, verwaarloosd of mishandeld. Hierdoor vind je het moeilijk om in jezelf te geloven.
Wat herken jij bij jezelf? Sommige oorzaken klinken misschien ‘zwaar’ in de oren. Het kunnen ook ‘zware dingen’ zijn, die ervoor hebben gezorgd dat jouw oudermodi actief zijn geworden. Dit hoeft echter niet. Als kind heb je niet altijd in de gedachten wat een enkele opmerking of situatie met je doet, maar op latere leeftijd kan wel blijken dat deze situaties wortel hebben geschoten en ervoor hebben gezorgd dat jij bijvoorbeeld heel kritisch op jezelf bent geworden.
OEFENING
Schrijf de volgende zinnen op een vel papier en vul ze in voor de drie verschillende oudermodi. Dus een rij voor de veeleisende modus, een rij voor de schuld-inducerende modus en een rij voor de straffende modus.
- Deze ouder geeft me de volgende boodschappen: …
- In deze gemoedstoestand heb ik de volgende gevoelens: …
- Zo gedraag ik me wanner ik in deze stand sta: …
- Het effect van dit oudergedrag op mijn zelfvertrouwen is: …
In mijn volgende blog neem ik je mee naar de laatste soort modi, namelijk de overlevingsmodi. Om in de laatste blog van deze serie te eindigen met wat je hier nu daadwerkelijk mee kunt. Hoe verander je dit?
Bedankt voor het lezen en veel succes!
Liefs, Evelyne
