Nu is het genoeg: waarom grenzen stellen noodzakelijk is
Nee zeggen is niet eenvoudig. Maar wie altijd toegeeft aan anderen, pleegt roofbouw op zichzelf. Hoe kun je je assertiviteit vergroten? En wat doe je met die lastpakken die altijd weer een voet tussen de deur weten te wurmen?
Het is ’s ochtends vroeg, je draait de deur op slot en wilt net op de fiets stappen om naar je werk te gaan.
Goeiemorgen buurman!’ Daar klinkt de opgewekte stem van de buurvrouw. Ze heeft duidelijk zin in een praatje. De buurvrouw is altijd zo vriendelijk, ze past op je katten als je met vakantie bent, je wilt haar niet voor het hoofd stoten en luistert ‘geduldig’ naar haar monoloog. Maar intussen tikt de tijd weg. Je rinkelt met je sleutels, kijkt vluchtig op je horloge… Je zal te laat komen voor die vergadering.
Dagelijks raken we verzeild in situaties waarin we grenzen moeten stellen, willen we niet ondergesneeuwd raken door anderen. Een vriend weigeren je auto aan hem uit te lenen, teruggaan naar de groenteboer omdat hij je rotte mandarijntjes heeft verkocht, een opdracht weigeren omdat je daarvoor niet bent aangenomen: lang niet iedereen durft het.
Uit angst om niet aardig gevonden te worden of uit angst voor repercussies stemmen we in met een verzoek, terwijl we daar eigenlijk helemaal geen zin in of tijd voor hebben. Achteraf betalen we de rekening: het vreet energie, we krijgen niet wat we willen, anderen weten niet wat ze werkelijk aan ons hebben en we komen niet toe aan de dingen die we zelf belangrijk vinden. Aardig gevonden worden heeft een hoge prijs.
Eigen behoeftes – leven als een pauw
‘Grenzen stellen is de belangrijkste communicatievaardigheid die er bestaat,’ vindt Liesbeth Gijsbers, die trainingen geeft in communicatie en grenzen stellen, oftewel assertiviteit. ‘Wie grenzen stelt, blijft trouw aan zichzelf, en dat is een basisvoorwaarde om je goed te voelen in je leven. Eigenlijk is assertiviteit dus niets anders dan de moed om op een stralende manier jezelf te zijn.’ Je kunt het vergelijken met een pauw.
Volgens Gijsbers is ons gevoel hiervoor een goede graadmeter. ‘Als je je boos, verdrietig, angstig, teleurgesteld, chagrijnig of moe voelt, heb je meestal onvoldoende aandacht besteed aan je eigen behoeftes.
In dat soort gevallen adviseer ik altijd: ga er eens goed voor zitten. Wat is er aan de hand? Heb je misschien onvoldoende rust gekregen? Te weinig respect en waardering van je collega’s? Is je behoefte aan veiligheid aangetast toen je partner als een wilde met je over de snelweg scheurde? Of heb je misschien te weinig plezier in je leven? Bedenk dan wat je zou kunnen doen om te zorgen dat je behoeftes wel worden gehoord en vervuld. Dát is waar assertiviteit om draait.’
Dit klinkt allemaal heel fraai en makkelijk, maar toch is het dat voor veel mensen niet. Zo is het allereerst heel verleidelijk om anderen de schuld te geven van onvervulde behoeftes. ‘Hij negeert mij’, ‘zij overlaadt mij altijd met werk’, ‘hij maakt misbruik van mijn goedheid’: allemaal excuses om zelf niet in actie te hoeven komen.
Leeuw, Pauw en Schildpad
Via Leeuw, Pauw en Schildpad wordt op een speelse manier kennis gemaakt met diverse eigenschappen en assertiviteitsvaardigheden waar de kinderen – en dus wij als volwassenen – zich in kunnen herkennen. De schildpad is stil, teruggetrokken, komt niet voor zichzelf op en laat over zich heenlopen, is niet-assertief. De leeuw is fel, snel geprikkeld, te agressief. De pauw is trots, komt voor zichzelf op en loopt niet over anderen heen. Houdt rekening met anderen, maar vergeet daarbij zichzelf niet.
Rustig en overtuigend
Trainster Liesbeth Gijsbers somt nog meer gedachtepatronen op die het moeilijk maken om grenzen te stellen. ‘Iemand die bijvoorbeeld geneigd is te denken in doemscenario’s, zoals: “Als ik die opdracht weiger, dan gebeurt er een ramp” zal gauw te veel werk op zich nemen. Dat geeft stress en verhoogt het risico op een burn-out. Ook mensen met een gebrek aan zelfwaardering stellen te weinig grenzen. “Wie ben ik nou helemaal, om voor mezelf op te komen” redeneren ze.
Als ze complimenten krijgen, kleineren ze zichzelf: “Het was maar een toevalstreffer hoor, ik ben niet half zo goed als Peter.” Het is zó belangrijk dat je je eigen kwaliteiten erkent en leert benoemen, dan kun je daar vervolgens voor opkomen.
Grenzen stellen is dus een basisvoorwaarde voor zelfontplooiing. Maar dat is niet het enige in het leven dat telt: we willen ook graag goede relaties met anderen. Als we onze eigen behoeftes altijd laten voorgaan en weinig oog hebben voor onze medemens, zullen we onherroepelijk ruzie krijgen of worden genegeerd.
Gijsbers: ‘Wie te veel voor zichzelf opkomt en te weinig voor de ander, is niet “te assertief”, zoals je soms mensen hoort zeggen: dat noem ik agressief, ofwel als een leeuw. Daarnaast geldt: nee zeggen op zich is niet erg, maar de manier waaróp kan een relatie wel beschadigen.
Het is zaak om het op een rustige, overtuigende manier te doen. Niet beschuldigend. En praat alleen in ik-termen: “Ik wil dit niet”, “mijn gevoel zegt dat…” Val de ander niet aan en hou het bij jezelf, dan kan de ander ook minder tegen jouw weigering inbrengen. Je zult zien dat je reactie dan snel wordt geaccepteerd.’
Maar dat naar buiten brengen van je eigen gevoel is volgens Gijsbers nu juist iets wat we vaak heel eng vinden. ‘We zijn bang dat het uit de hand loopt, dat we heel boos zullen worden, of onbedaarlijk gaan huilen.
Maar in de praktijk blijkt dat mee te vallen. Je bent de baas over je eigen emoties, mits je je gevoel maar niet te lang opkropt – anders krijg je inderdaad die enorme uitbarstingen waar je juist zo bang voor was.
Natuurlijk voelt het kwetsbaar om je gevoel te uiten. Logisch: je weet nooit hoe erop zal worden gereageerd. Maar die spanning moet je accepteren als een gegeven dat nu eenmaal bij het leven hoort. Volledige controle over een situatie heb je toch nooit, of je je nu wel of niet assertief opstelt.’
Lastige gevallen
Psychologen Marjan de Vries en Aagje Gest, schrijvers van het boek Grenzen stellen om ruimte te krijgen, hanteren de volgende drie vuistregels voor een assertieve reactie: formuleer in de ik-vorm, houd het algemeen en bied eventueel een alternatief.
Bijvoorbeeld: ‘Sorry, het lukt me niet (ik-boodschap) om vandaag dat rapport af te maken (algemeen houden, geen uitleg). Maar als je er geen haast mee hebt, mag je het op de stapel leggen en dan zal ik zien wanneer ik het kan doen (alternatief).’ Helemaal mooi is het volgens De Vries en Gest als je ook nog nee kunt zeggen met een vleugje humor, waardoor de weigering minder zwaar overkomt en makkelijker wordt geaccepteerd.
Maar natuurlijk is grenzen stellen niet in alle situaties even makkelijk. In de ene setting is het enger om assertief te zijn dan in de andere: sommigen laten op het werk over zich heen lopen, terwijl ze thuis wel duidelijk opkomen voor hun belangen.
En wat moet je doen als iemand maar blijft proberen, terwijl je toch al duidelijk nee had gezegd? Er zijn altijd van die brutale types die er erg bedreven in zijn om tóch een voet tussen de deur te krijgen. Ze overvallen je, proberen je over te halen of zetten je zo onder druk dat je het gevoel krijgt dat je wel heel onaardig bent als je ze niet hun zin geeft (zie het kader onderaan dit artikel).
Maar zelfs met deze respectloze types valt om te gaan. De zelfhulpboeken over assertiviteit adviseren voor dit soort gevallen allemaal hetzelfde: de techniek van de ‘kapotte grammofoonplaat’. Gewoon de tijd nemen en steeds herhalen wat je hebt gezegd, totdat de ander opgeeft.
In het begin voelt het misschien wat raar, maar wie volhoudt, zal zien dat de ander uiteindelijk afdruipt, meestal zonder je te ‘straffen’ voor je weigering. Zetten ze het je toch betaald, dan is het misschien het beste om de conclusie te trekken dat die persoon het niet waard is om mee om te gaan.
Een andere situatie waar veel mensen moeite mee hebben: omgaan met kritiek die ten dele terecht is, maar waar je niet op wilt ingaan. Ook daarvoor bestaat een oplossing: ‘misten’. Daaronder wordt verstaan: de ander gelijk geven en daarmee laten merken dat er wel iets in de kritiek schuilt, om te voorkomen dat er een debat ontstaat.
Ook kun je reageren met: ‘Ja, dat zou kunnen.’ Grote kans dat het gesprek dan gauw is afgelopen. Uiteraard is het zaak om onterechte kritiek of vernederingen duidelijk af te wijzen: vraag om verduidelijking, zeg dat je het er niet mee eens bent, en dat je het niet fijn vindt als dit tegen je gezegd wordt.
Klein beginnen
Wie nooit zo assertief is geweest, zal het een grote stap vinden om op zekere dag meer voor zichzelf op te komen. Therapeuten hebben daar wat op gevonden. Ze vragen hun cliënten om klein te beginnen: geef eens een assertieve reactie bij iemand die niet zoveel voor je betekent.
Zeg een winkelbediende bijvoorbeeld dat je iets komt terugbrengen, en neem dan geen genoegen met een tegoedbon. Vervolgens zoek je steeds moeilijkere situaties op. Totdat je op een dag die ene grote stap durft te zetten: opslag vragen aan de baas.
Trainster Liesbeth Gijsbers moet glimlachen. Zij herinnert zich nog goed hoe ze ooit bij een sollicitatie haar salariseis op tafel legde. ‘Ik had eerst heel goed geoefend met vrienden. Het zinnetje “Ik wil een ton” sprak ik net zo vaak uit totdat het geloofwaardig overkwam. Het werkte. De sollicitatiecommissie kon aan mij zien dat ik er van binnen helemaal achterstond. Als je dat weet te bereiken, is je assertieve reactie compleet.’
Communicatieregels
Een assertievere levenshouding, hoe bereik je dat in de praktijk? Volgens trainster Liesbeth Gijsbers is het allereerst van belang dat mensen zich gaan realiseren welke rechten ze als individu hebben.
Door zich daar bewust van te zijn, voelen ze zich gesterkt bij het stellen van hun eigen grenzen. Wie bijvoorbeeld van zichzelf fouten mag maken of iets mag weigeren zonder daar een reden voor op te hoeven geven, kan op een overtuigende manier assertief zijn.
Assertiviteitstrainster Anne Dickson adviseert daarbij vier basis-communicatieregels in acht te nemen. Als je iemand er bijvoorbeeld op wilt wijzen dat je het vervelend vindt dat hij je zo vaak onderbreekt, moeten we op de volgende aspecten letten:
- Kies de juiste tijd en plaats (wacht niet te lang met reageren, maar stap ook niet op iemand af als hij het heel druk heeft);
- Beschrijf iemands specifieke gedrag, beschuldig hem niet als persoon;
- Uit je gevoelens over dat gedrag;
- Geef exact aan wat je wilt (vraag bijvoorbeeld of hij de volgende keer pas commentaar wil leveren op het moment dat je bent uitgesproken). Belangrijk hierbij is assertieve lichaamstaal. Sta rechtop op twee benen en adem rustig, dan komt de boodschap beter en overtuigender over. Trainster Liesbeth Gijsbers: ‘Ik zeg altijd tegen de cursisten: “Stel je gelijkwaardig op in een gesprek.— Kom je als een slachtoffer binnen, dan zul je ook zo worden behandeld. Je houding bepaalt hoe de ander je benadert, dat is een psychologische wet.’
Laat je niet manipuleren
Sommige mensen accepteren geen nee: ze blijven proberen over je grenzen te gaan. Dit zijn hun manipulatietactieken:
- Ze zetten je onder druk (‘Je moet deze opdracht nu uitvoeren, anders komen er grote problemen.’)
- Ze schuiven het probleem af (‘Je moet niet bij mij zijn, maar bij de chef’)
- Ze werken op je schuldgevoel (‘Wat zal de klant wel niet van ons denken?’)
- Ze vergelijken je ongunstig met een ander (‘Jacob heeft het ook gedaan, waarom kun jij het dan niet doen?’)
- Ze proberen je over te halen (‘Ach, doe niet zo moeilijk, het valt toch wel mee met die werkdruk!’)
- Ze doen aan emotionele chantage (‘Als je je echt collegiaal opstelde, zou je het wel doen.’)
- Ze smeken (‘Wil je het alsjeblieft deze ene keer nog doen?’)
- Ze proberen je om te kopen (‘Als je het wel doet, krijg je volgende maand een bonus.’)
- Ze doen net alsof ze het beste met je voorhebben (‘Het is in jouw voordeel om dit te doen, hoor!’)
- Ze vleien (‘Als jij het doet, wordt het echt veel beter.’)
- Ze worden kwaad, om je angst aan te jagen (‘Dit valt me heel erg van je tegen. Je hoort er nog van.’)
- Ze proberen je medelijden te wekken (‘Kun je mij echt niet helpen? Ik moet het ook altijd alleen doen.’)
Wanneer ben je assertief?
Assertieve mensen:
- zorgen dat ze met respect behandeld worden, ongeacht hun status
- kunnen hun behoeften uiten
- geven hun grenzen aan en durven nee te zeggen
- kunnen hun gevoelens en meningen uiten
- nemen zelfstandig beslissingen
- durven bedenktijd te vragen
- durven van gedachten te veranderen
- durven uitleg te vragen
- mogen fouten maken van zichzelf
- hanteren hun eigen normen en waarden
- zorgen dat ze gehoord worden
- nemen geen verantwoordelijkheid voor andermans problemen, als ze dat niet willen
- bepalen hun eigen levensdoelen
- kunnen omgaan met anderen, zonder afhankelijk te zijn van hun goedkeuring
Uit: ‘De rechten van het assertieve individu’ in Als ik nee zeg, voel ik mij schuldig, Manuel J. Smith, Ambo
Bron: Psychologie Magazine
